Thailand zit in het hoogseizoen overvol, Bali heeft last van zijn eigen populariteit en in Vietnam sta je op de bekende plekken inmiddels in de rij voor een foto. Terwijl die klassiekers steeds drukker worden, schuift een ander land langzaam omhoog op het verlanglijstje van reizigers die Azië willen zien zonder de massa: Taiwan. Het eiland ligt nog geen vier uur vliegen van Hongkong of Tokio, maar voelt alsof het jaren geleden is afgesloten van de hype. Precies dat maakt het nu zo interessant.
Taiwan is ongeveer net zo groot als Nederland en Belgie samen, maar dan met bergen die tot ruim 3.000 meter reiken. Binnen een paar uur reizen ga je van een metropool met wolkenkrabbers naar wandelpaden door de wolken. Die combinatie, plus een keuken die niemand overslaat en een bevolking die opvallend gastvrij is voor westerse bezoekers, verklaart waarom steeds meer reisorganisaties het eiland nu als serieus alternatief voor China presenteren.
Taipei is drukker dan je verwacht, maar voelt nooit opgejaagd
De hoofdstad heeft alles wat je van een Aziatische metropool verwacht: Taipei 101 torent 508 meter boven de stad uit en was van 2004 tot 2010 het hoogste gebouw ter wereld. Vanaf het uitkijkplatform zie je hoe de stad wordt omringd door groene heuvels, iets wat je in Bangkok of Jakarta niet snel tegenkomt. 's Avonds trek je naar een van de nachtmarkten, Shilin of Raohe zijn de bekendste, waar je voor een paar euro langs tientallen kraampjes met stinky tofu, bubble tea en gegrilde inktvis loopt.
Wat Taipei onderscheidt van andere miljoenensteden in Azië is de rust die er toch hangt. De metro is schoon en stipt, mensen staan netjes in de rij en de tempels midden in de stad, zoals Longshan Temple, blijven ondanks de drukte plekken waar je even kunt stilstaan. Een stad die druk is zonder chaotisch te voelen, dat is precies waar Taiwan zijn reputatie aan dankt.
Jiufen is het dorp waar de tijd lijkt stil te staan
Een uur buiten Taipei, tegen een berghelling aan de kust, ligt Jiufen. Smalle steegjes vol rode lampionnen, theehuizen die al decennia op dezelfde plek staan en uitzicht over de Oost-Chinese Zee maken dit dorpje tot het meest gefotografeerde plekje van het eiland. Het verhaal gaat dat de sfeer hier model stond voor het badhuis in Spirited Away, en of dat nu klopt of een hardnekkige mythe is, het trekt wel bezoekers die anders nooit op dit stukje kust terecht zouden komen.
Ga liever vroeg in de ochtend of na zonsondergang, dan zijn de dagjesmensen uit Taipei nog niet of juist alweer vertrokken en krijg je het dorp bijna voor jezelf. Net als bij Kirgizie, het avonturiersparadijs dat niemand nog kent, geldt hier: wie op het juiste moment komt, ziet een heel ander land dan de reiziger die alleen de drukste uren meemaakt.
Sun Moon Lake en Alishan laten de natuur het werk doen
Landinwaarts verandert Taiwan compleet van karakter. Sun Moon Lake, het grootste meer van het eiland, dankt zijn naam aan de vorm: de ene kant lijkt op een halve maan, de andere op een ronde zon. Je kunt er fietsen rond het water, een kabelbaan nemen naar een aboriginal dorp of gewoon een boot pakken naar het eilandje Lalu, heilig voor de Thao-bevolking die hier al generaties woont.
Een stukje verderop ligt Alishan, een berggebied waar je met een negentig jaar oude smalspoorlijn door theeplantages en mistige bossen omhoog rijdt. Veel bezoekers staan voor zonsopgang op om de zogeheten wolkenzee te zien, een deken van mist die zich onder de bergtoppen uitspreidt. Het is een van die momenten die je normaal alleen uit Japan kent, maar dan zonder de drukte van bijvoorbeeld de nieuwe trekpleisters die Japan in 2026 onmisbaar maken.
Taroko Gorge laat zien hoe ruig Taiwan eigenlijk is
Aan de oostkust snijdt de Liwu-rivier zich door een marmeren kloof van bijna twintig kilometer lang. Taroko Gorge is een van de indrukwekkendste natuurgebieden van Azië, met wandelpaden die letterlijk tegen de rotswand zijn uitgehakt. De aardbeving bij Hualien in 2024 richtte flinke schade aan en sloot delen van het park, maar sindsdien zijn de belangrijkste routes stap voor stap weer opengegaan. Check voor vertrek altijd de actuele status, want sommige paden blijven om veiligheidsredenen gesloten.
Wie meer wil weten over hoe deze kloof is ontstaan en welke gedeeltes inmiddels weer toegankelijk zijn, vindt een goed overzicht op Wikipedia.
Waarom Taiwan nu pas de aandacht krijgt die het verdient
Taiwan werd lange tijd overschaduwd door China, waarmee het eiland historisch nauw verbonden is, en door de grotere buren Japan en Thailand. Toeristische cijfers laten de laatste jaren een duidelijke groei zien, deels omdat reizigers op zoek zijn naar een alternatief voor bestemmingen die te vol zijn geworden, deels omdat de infrastructuur, denk aan hogesnelheidstreinen en een uitstekend wegennet, het eiland makkelijk bereikbaar maakt. Vergelijk het met wat eerder gebeurde met de Chinese Muur: iconische plekken trekken massa's, terwijl het land eromheen nog grotendeels onontdekt blijft.
Taiwan heeft bovendien geen visumplicht voor Nederlanders voor verblijven tot negentig dagen, wat de drempel om te gaan flink verlaagt. Combineer dat met prijzen die nog altijd lager liggen dan in Japan en je begrijpt waarom steeds meer rondreisorganisaties het eiland aan hun programma toevoegen.
Dit is het beste moment om je reis te boeken
Plan je bezoek tussen oktober en april. In die periode is het aangenaam warm zonder de verstikkende vochtigheid van de zomer, en blijf je buiten het seizoen van tyfoons dat normaal loopt van juni tot september. Twee tot drie weken geven je genoeg tijd voor zowel de steden als de bergen, al kun je met een week al een stevige indruk krijgen van Taipei, Jiufen en Sun Moon Lake samen.
Voor actuele reisinformatie, inclusief de laatste update over welke delen van Taroko Gorge open zijn, is de officiele Taiwan Tourism Administration een betrouwbare bron. Boek je vlucht, pak je wandelschoenen in en ontdek het stukje Azië dat de meeste reizigers nog over het hoofd zien.